Herstelfase, week 9
Mijn psychologe heeft me door...
Prima natuurlijk, want anders zou ze niet goed zijn in haar job. Maar het is fijn om iemand te hebben die het allemaal perfect kan verwoorden en verklaren en die het vanop een afstandje kan overschouwen. Zeker omdat je dit zelf wel min of meer in je achterhoofd hebt, maar moeilijk onder woorden kan brengen, niet alles zelf kan inzien en overzien en al zeker niet goed weet hoe je daar nu precies mee om kan gaan.
Ik dacht altijd dat ik assertief was. Maar vandaag sloeg de psychologe de nagel op de kop door te zeggen: "Je bent eigenlijk een zacht ei in een assertief pantser." En dat klopt helemaal. Ik gedrààg me (soms) assertief, maar ik bèn het niet. Ik ben energiek, fel, laat me niet snel onder tafel praten en ik kom vaak met stoere en grote praat een heel eind. Ik kan ook prima opkomen voor anderen. Maar ik vergeet daarbij wel de belangrijkste persoon: mezelf. Ik heb moeite met 'neen' zeggen, vooral op het werk. In andere situaties kan ik best assertief optreden: ik durf een klacht neerleggen, zeggen wat ik denk, iemand om iets vragen, op restaurant vragen om een gerecht aan te passen en dat soort zaken. Maar op het werk doe ik dat niet. Daar ga ik ervan uit dat ik alles moet doen wat van me wordt verwacht, hoe onmogelijk of onredelijk ook.
Ik stel dus soms wel assertieve handelingen, maar ik voél het niet echt. Doen is niet zijn. Het is veel effectiever om vanuit je gevoel voor jezelf op te komen en grenzen te stellen. Daar heb ik vandaag een oefening op gedaan, en dat vond ik best moeilijk. Omdat ik bang ben wat die andere persoon dan wel van me zal denken, of omdat ik bang ben dat ik in conflict ga komen. Het was een eyeopener voor me om in te zien dat 'neen' zeggen geen oordeel velt over de andere; je geeft er enkel je eigen grens mee aan. Het is niet onbeleefd om aan te geven waar je een grens trekt; het maakt de ander gewoon duidelijk dat jij er ook bent en dat je plaats inneemt en dat je niet aanvaardt wat die persoon aan je wil geven of van je verlangt. Je zegt gewoon: "Dit hoef ik niet."
In mijn taalgebruik is dat erg aanwezig. Ik gebruik vaak zinnen als 'er komt veel op me af' of 'door de stress op het werk'. Vandaag werd me duidelijk dat stress niet een gegeven situatie is. Stress wordt veroorzaakt door slechte copingvaardigheden en zit dus in jezelf. Er mag heel veel op je afkomen, maar je bepaalt zelf of het binnenkomt of niet. Op het werk liet ik dat al jaren altijd binnenkomen. Vanuit een misplaatste loyaliteit en het foute idee dat het zomaar allemaal 'moet', werkte ik maar harder en harder en harder, liet ik mijn sociale leven bijna helemaal wegvallen, deed ik vaak wat ik eigenlijk niet wou doen en waarbij ik me afvroeg wat het nut ervan was. Mensen die in het onderwijs staan (of in de zorgsector in het algemeen) zijn vaak erg gedreven, willen het beste, werken hard en willen het onderste uit de kan halen voor de leerlingen. Maar vaak is assertiviteit een probleem. Zo ook bij mij.
Werk aan de winkel. Oefening baart kunst, dus ga ik oefenen op assertiviteit. Ik wil mijn eigen grenzen bepalen en aangeven. Ik wil (zo goed als) geen werkstress meer ervaren, en dat kan zomaar, want IK bepaal wat ik aanneem. Ik werk in een sector waar er van bovenaf een shitload op je afkomt, maar ik bepaal zelf om niet alles te laten binnenkomen. Hoe dat dan precies in zijn werk zal gaan, dat weet ik nu nog niet. Maar ik ben ervan overtuigd dat ik het kan.
Prima natuurlijk, want anders zou ze niet goed zijn in haar job. Maar het is fijn om iemand te hebben die het allemaal perfect kan verwoorden en verklaren en die het vanop een afstandje kan overschouwen. Zeker omdat je dit zelf wel min of meer in je achterhoofd hebt, maar moeilijk onder woorden kan brengen, niet alles zelf kan inzien en overzien en al zeker niet goed weet hoe je daar nu precies mee om kan gaan.
Ik dacht altijd dat ik assertief was. Maar vandaag sloeg de psychologe de nagel op de kop door te zeggen: "Je bent eigenlijk een zacht ei in een assertief pantser." En dat klopt helemaal. Ik gedrààg me (soms) assertief, maar ik bèn het niet. Ik ben energiek, fel, laat me niet snel onder tafel praten en ik kom vaak met stoere en grote praat een heel eind. Ik kan ook prima opkomen voor anderen. Maar ik vergeet daarbij wel de belangrijkste persoon: mezelf. Ik heb moeite met 'neen' zeggen, vooral op het werk. In andere situaties kan ik best assertief optreden: ik durf een klacht neerleggen, zeggen wat ik denk, iemand om iets vragen, op restaurant vragen om een gerecht aan te passen en dat soort zaken. Maar op het werk doe ik dat niet. Daar ga ik ervan uit dat ik alles moet doen wat van me wordt verwacht, hoe onmogelijk of onredelijk ook.
Ik stel dus soms wel assertieve handelingen, maar ik voél het niet echt. Doen is niet zijn. Het is veel effectiever om vanuit je gevoel voor jezelf op te komen en grenzen te stellen. Daar heb ik vandaag een oefening op gedaan, en dat vond ik best moeilijk. Omdat ik bang ben wat die andere persoon dan wel van me zal denken, of omdat ik bang ben dat ik in conflict ga komen. Het was een eyeopener voor me om in te zien dat 'neen' zeggen geen oordeel velt over de andere; je geeft er enkel je eigen grens mee aan. Het is niet onbeleefd om aan te geven waar je een grens trekt; het maakt de ander gewoon duidelijk dat jij er ook bent en dat je plaats inneemt en dat je niet aanvaardt wat die persoon aan je wil geven of van je verlangt. Je zegt gewoon: "Dit hoef ik niet."
In mijn taalgebruik is dat erg aanwezig. Ik gebruik vaak zinnen als 'er komt veel op me af' of 'door de stress op het werk'. Vandaag werd me duidelijk dat stress niet een gegeven situatie is. Stress wordt veroorzaakt door slechte copingvaardigheden en zit dus in jezelf. Er mag heel veel op je afkomen, maar je bepaalt zelf of het binnenkomt of niet. Op het werk liet ik dat al jaren altijd binnenkomen. Vanuit een misplaatste loyaliteit en het foute idee dat het zomaar allemaal 'moet', werkte ik maar harder en harder en harder, liet ik mijn sociale leven bijna helemaal wegvallen, deed ik vaak wat ik eigenlijk niet wou doen en waarbij ik me afvroeg wat het nut ervan was. Mensen die in het onderwijs staan (of in de zorgsector in het algemeen) zijn vaak erg gedreven, willen het beste, werken hard en willen het onderste uit de kan halen voor de leerlingen. Maar vaak is assertiviteit een probleem. Zo ook bij mij.
Werk aan de winkel. Oefening baart kunst, dus ga ik oefenen op assertiviteit. Ik wil mijn eigen grenzen bepalen en aangeven. Ik wil (zo goed als) geen werkstress meer ervaren, en dat kan zomaar, want IK bepaal wat ik aanneem. Ik werk in een sector waar er van bovenaf een shitload op je afkomt, maar ik bepaal zelf om niet alles te laten binnenkomen. Hoe dat dan precies in zijn werk zal gaan, dat weet ik nu nog niet. Maar ik ben ervan overtuigd dat ik het kan.
Reacties
Een reactie posten